Trans @ Work: naar een werkvloer in alle kleuren van de regenboog

Wat als je als arbeidsarts tijdens een consultatie hoort dat de persoon die voor je zit zich niet identificeert met hun geboortegeslacht? Hoe ga je op een respectvolle manier dat gesprek aan? Wat als die persoon een transitie wenst op te starten, maar je niet weet wat dat proces inhoudt? Wat als diens werkgever geen inclusief beleid heeft dat rekening houdt met de noden die gepaard gaan met zo’n transitie? Hoe kan je die persoon op een gepaste manier gaan ondersteunen? Een centraal aanspreekpunt binnen het bedrijf, steun en werkaanpassingen op maat van de trans persoon en inlichtingen geven over sociale- en arbeidsrechten spelen een sleutelrol voor een vlotte transitie op het werk.

Als arbeidsarts kwam ik (Joy Van de Cauter) via een cliënt in contact met transgenderzorg, maar werd geconfronteerd met een gebrek aan hulptools om mijn cliënt tijdens die moeilijke periode te begeleiden. Mijn ervaringen inspireerden mij om het project ‘Return to Work of Transgender People’ op te starten. Met dat onderzoek wil ik zelf een hulptool ontwikkelen om gendervariante personen op het werk op maat te ondersteunen. Dit project wordt gevoerd in samenwerking met het Transgender Infopunt, ASBL Face à Toi-Même en met ondersteuning van het RIZIV.

Steun uit alle hoeken

Op basis van bevragingen en interviews afgenomen tijdens de eerste fase van het project, kregen we een ruw beeld van hoe een transitie op de Belgische werkvloer verloopt en wat trans personen zelf als belangrijk beschouwen. Een eerste opvallende bevinding is het grote aantal trans personen dat op de werkvloer uit de kast is gekomen: zo’n 86% van de respondenten liet weten al een sociale transitie op het werk te hebben gedaan. Bij een sociale transitie ga je leven volgens je genderidentiteit en breng je je directe omgeving op de hoogte van bepaalde veranderingen en noden. Zoals een respondente het mooi verwoorde: ..”Je gaat niet alleen in transitie, je hele omgeving gaat mee in transitie..”. Niet alle trans personen die een sociale transitie doen kiezen trouwens voor een medische transitie, maar bijna 80% van onze respondenten koos toch voor één tot meerdere stappen binnen transgenderzorg.

Een tweede opvallende bevinding is dat maar liefst 90% van de bevraagden het werk hervatte na het nemen van medische stappen binnen transgenderzorg die gepaard gingen met een medische afwezigheid, zoals bijvoorbeeld een genderbevestigende operatie. In de meerderheid van de gevallen gebeurde die werkhervatting bij dezelfde werkgever. Dat is een opvallend resultaat, want uit onze eerdere recente systematische literatuurstudie van de internationale literatuur bleek dat een groot deel van trans personen hun job verloren (6–27%), op hun werk gedegradeerd werden (10–24%) of een andere functie zochten (12–46%).

Het is positief dat zoveel trans personen in België terug aan het werk kunnen en willen, nadat ze een transitie zijn begonnen. Toch is dit maar een deel van het verhaal, want slechts 27% van de bevraagden kreeg concreet advies of werkaanpassingen van hun arbeidsarts. Heel vaak was er zelfs geen contact en werden trans personen niet verwezen naar de arbeidsgeneeskundige dienst of waren ze zelfs niet op de hoogte van het bestaan van een Dienst voor Preventie en Bescherming op het werk. Transparante communicatie vanuit de bedrijven over mogelijke ondersteunende diensten is nochtans van groot belang. Verschillende geïnterviewden kaarten dan ook het bestaan van een centraal aanspreekpunt binnenin het bedrijf aan als iets ontontbeerlijk om bij de juiste diensten of personen terecht te kunnen voor hulp of ondersteuning. Trans personen belanden op dit moment namelijk nog vaak bij hun collega’s of leidinggevende voor (praktische) steun terwijl deze vaak niet beschikken over alle nodige informatie. Dat de arbeidsarts goed geïnformeerd is omtrent het genderthema en transgenderzorg was belangrijk voor heel wat geïnterviewden zodat er adequaat advies kan gegeven worden wat betreft eventuele werkaanpassingen bij de werkhervatting maar ook dat trans personen zich comfortabel kunnen voelen tijdens het gesprek en de raadpleging een safe space is.

Rechten en mogelijkheden

Geinterviewden waren vaak niet geïnformeerd over regelingen omtrent medische afwezigheden en financiële aspecten zoals gewaarborgd loon en uitkeringen via het ziekenfonds. Trans personen erkenden de nood aan een flexibel werkbeleid, zeker als het gaat om het navigeren tussen consultaties binnen transgenderzorg en de werkuren waardoor hun werk-privé-balans vaak onder druk staat. Het idee van ‘transitieverlof’ leek daarbij erg aantrekkelijk. Helaas zijn nog heel wat trans personen niet op de hoogte van hun rechten of mogelijkheden tijdens hun transitie op het werk of angstig om gebruik te maken van die rechten.

Verder vonden heel wat respondenten dat er nood was aan meer bewustwording over het genderthema op de volledige werkvloer. Wanneer een collega uit de kast is gekomen, is het voor het welzijn van deze persoon van groot belang dat collega’s zich open opstellen en bijvoorbeeld de nieuwe naam en voornaamwoorden gebruiken. Op die uitdagingen zijn niet alle bedrijven en organisaties voorbereid.

Werkhervatting bij trans vrouwen en non-binaire personen

Niet alle trans personen bewandelen hetzelfde traject. Zo blijken trans vrouwen een meer kwetsbare positie te bekleden op de arbeidsmarkt dan trans mannen, terwijl deze laatsten in andere domeinen zoals bijvoorbeeld onderwijs (Motmans et al. 2017) kwetsbaarder zijn. Eerder onderzoek toonde bijvoorbeeld aan dat trans vrouwen vaker werkzoekende zijn dan trans mannen en zij gemiddeld pas op een latere leeftijd uit de kast komen. De eerste resultaten van het ‘Return to Work of Transgender People’-project bevestigen die tendensen. Daarnaast stelden we vast dat een kwart van de respondenten niet binnen de binaire tweedeling ‘trans man’ of ‘trans vrouw’ vallen wat hun zichtbaarheid vaak beperkt. Die groep, die onder de parapluterm ‘non-binair’ valt, botst vaak op onbegrip, omdat de samenleving en de werkcultuur niet weet hoe men met die non-binariteit of gender fluïditeit moet omgaan.

In de volgende fase van het project focussen we ons omwille van die redenen specifiek op trans vrouwen en non-binaire personen. Door middel van een dagboekstudie worden trans vrouwen en non-binaire personen opgevolgd tijdens hun coming-out, transitie, herstel en werkhervatting. Via die directe inkijk in hun ervaringen hopen we de obstakels waarmee die groep wordt geconfronteerd tijdens de transitie op het werk diepgaander te bestuderen, alsook de succesfactoren van werkhervattingen. Op die manier kan de hulptool die zal worden ontwikkeld handvaten bieden aan trans en gender non-binaire personen en hun omgeving.

We zijn momenteel nog op zoek naar participanten voor de tweede fase van het onderzoek, de dagboekstudie. Personen die zich identificeren als trans vrouw of non-binair persoon, medische stappen zetten binnen transgenderzorg en terug starten met werken na een afwezigheid op het werk in de loop van 2022 kunnen voor meer informatie contact opnemen via mail (Joy.VandeCauter@UGent.be) of via het nummer +32 477 92 23 64  (sms of whatsapp berichtje of laat een voicemail na) of via Instagram (@rtw_transgender_persons). Er wordt voor deelname een mooie vergoeding voorzien onder vorm van cadeaucheques met een totale waarde van 200€.

Door arbeidsarts en doctoraatsstudente Joy Van de Cauter en communicatiemedewerkster Anke De Malsche (Vakgroep Volksgezondheid en Eerstelijnszorg ; Joy.VandeCauter@UGent.be en Anke.DeMalsche@UGent.be).

Dit artikel verscheen eerder op UGent@Work

Geef een reactie

nl_BENederlands (België)